donderdag 2 maart 2017

Tabaksfabriek Huiser & Zonen - Groningen

In de jaren twintig van de vorige eeuw telde de stad Groningen ruim 50 geregistreerde sigarenmakerijen, sigarenfabrieken, tabakskerverijen en tabaksfabrieken. Verreweg de meeste waren klein van omvang, soms was er sprake van huisarbeid. Huiser is klein begonnen en groeide uit naar een kleine middelgrote fabriek. 


Jan Antoni Huiser begon zijn loopbaan als knecht bij de tabak- en sigarenfabriek van Aalfs en Zoon aan de Heeresingel 13 in Groningen. De fabriek “Het wapen van Nederland” bracht een assortiment van pijptabakken uit voorzien van een gedeponeerd sluitetiket met twee nimfen. Aalfs huurde ook twee bovenverdiepingen van een pakhuis op een binnenplaats van de Gelkingestraat. Daar lag de tabaksvoorraad en werden kistjes getimmerd. Op 9 oktober 1913 ging Huiser met zijn kameraad het pakhuis binnen en liet zijn olielamp vallen waardoor brand ontstond. Twee verdiepingen werden ernstig beschadigd en de tabaksvoorraad van 7000 gulden ging totaal verloren. Bedrijfsverzekerings maatschappij Labor betaalde de gehele schade al in november 1913 uit. Dat ging vroeger een stuk sneller.


In 1914 vroeg J.A.Huiser & Zonen i.v.m de hinderwet een vergunning aan voor het drogen en bewerken van tabak voor het pand Winschoterdiep Oz 29. Hier is hij gestart met zijn eigen loonkerverij en stelenpletterij. Hij verkocht het als goedkoop binnengoed voor sigaren.
 Aannemelijk is dat Aalfs inmiddels gestopt is, want Huiser is in het bezit van het handelsmerk van Aalfs “Het wapen van Nederland”. 

In 1917 neemt hij een knecht in dienst en de zaken gaan voorspoedig, mede door de vele advertenties die hij in de beginjaren in de krant liet plaatsen. In 1919 is hij verhuisd naar de Oostersingel 9, waar hij op de voorgevel de tekst:  Stoomtabaksfabriek “Het wapen van Nederland” liet plaatsen.
Ook op zijn briefpapier is het wapen terug te vinden.


 


Hij verkocht zijn rook- en pruimtabak vooral in de regio rond Groningen onder de merken: Reclame Heerenbaai, Neerlandia, halfzware pruim no.5, Rook- en pruimtabak no.2 , Friesche Heerenbaai, Heren Baai Tabak, Blanke Baai tabak en meer algemene benamingen.


Jan Antoni overleed in 1921 op 64-jarige leeftijd. Andries en Josephus Huiser nemen de fabriek over.
In mei 1926 brak er onder de sigarenmakers en tabaksbewerkers een staking uit. Het conflict ging over lonen en werd ondersteund door de Federatie van sigarenmakers en tabaksbewerkers. Met z.g.n. “werkwilligen” trachtte Huiser de productie gaande te houden.
Sommige winkeliers staakten de verkoop van Huiser’s tabak uit sympathie voor de stakers. Het duurde tot 18 augustus voordat het conflict werd opgelost.
Na de staking breidde Huiser zijn verkooppunten uit. In 1928 werd zijn tabak zelfs in Zeeland verkocht. Als beeldmerken werden de tabaksplanter en de Nederlandse leeuw gebruikt. Tot aan de 2e W.O. hebben er bij Huiser geen opzienbarende zaken voorgedaan. De kerfmachine (stoom) werd inmiddels voortgedreven door elektriciteit.

In de oorlog leed de fabriek net als alle andere aan tabakschaarste. De tabaksverwerking stond bij Huiser op een laag pitje. Om werkgelegenheid te behouden gingen andere fabrieken, mits ze toestemming verkregen, over op de verwerking van inlandse tabak (amateurtabak). Huiser deed daaraan niet mee. Wel produceerde hij in 1947-48 gedenicotiniceerde tabak (zonder nicotine) die zonder bon kon worden aangeschaft. Toen de tabaksdistributie in 1949 werd opgeheven bracht Andries Huiser tussen 1949 en 1952 nieuwe merken op de markt: Cupido, Hippos, Roll-in, Timber Town, Senang en Scooter die van een octrooi werden voorzien. Later volgden Maple leaf en Half and half.


De opbloei was voornamelijk te danken aan shagtabak waar de meeste vraag naar was. Daardoor werden sigaren, rooktabak en vooral pruimtabak minder verkocht. In de vijftiger jaren sloten veel kleine en middelgrote fabrieken hun deuren door faillissement of werden door grotere fabrieken overgenomen. Huiser & Zonen beëindigde in 1961 de bedrijfsactiviteiten, de merken en het klantenbestand werden overgenomen door Heupink en Reinders uit Ootmarsum. Zij brachten o.a. het merk Huiser op de markt en gebruikten daarvoor het beeldmerk van de twintiger jaren. 


Links pak 250 gram Heupink en Reinders omstreeks 1985. Rechts advertentie 1923

Het gebouw met de naam van de fabriek bleef tot vandaag de dag bestaan. Jarenlang heeft het pand een winkelbestemming gekend, in 2016 is het pand verbouwd tot woonbestemming.

foto uit 2016
Bronnen:
-          Delpher, krantenarchief
-          J.Romkes, Octrooien
-          Groninger archieven: hinderwetvergunningen
-          Voorwerpen uit privé verzamelingen

Zie ook: https://groninganus.wordpress.com/2014/02/02/de-tabaksmerken-van-huiser/

2 opmerkingen:

  1. Erg leuk om te lezen, zeker als achter kleinzoon van Jan Antoni Huiser, dank hiervoor, mvg Andries-Jan Antoni Huiser vanuit Haren. Ik ben plm 6 jaar geleden nog keer in het pand Oostersingel 9 geweest.

    BeantwoordenVerwijderen