donderdag 15 augustus 2013

TABAKSFABRIEK "DE GROENLANDSVAARDER"

Tabaksfabriek De Groenlandvaarder - Harlingen

In de eerste helft van negentiende eeuw trokken Harlinger zeilschepen er op uit om rond Groenland op robbenjacht te gaan voor het spek. De schepen “Spitsbergen” en “Dirkje Adema” deden goede zaken. Oene Gorter Moll, begon in 1825 een tabakswinkel annex tabakskerverij en een handel in koffie en thee in Harlingen. Zijn tabak verkocht hij onder het merk “De Groenlandsvaarder”, voor Harlingers een bekend begrip. Omstreeks 1860 was het met de robbenjacht gedaan.

De tabakszaak van de toen 21-jarige Moll in de Voorstraat wijk C nr.47 werd met succes gedreven. In 1832 trouwde hij met Tjitske Ages Tromp. Achter de winkel bezat hij een pakhuis aan de Noorderhaven. Het noodlot sloeg echter toe. Een jaar later werd hij ongeneeslijk ziek en overleed in 1833. Een broer van zijn vrouw, Solko Tromp Azn, werd aangezocht om te helpen en nam in 1834 de zaak over.


pruimtabak uit 1933
Solko Tromp breidde de zaak uit, kocht het pand naast de winkel en liet in 1851 de voorgevels verbouwen. Het verkregen hoekpand  werd winkel en kantoor, erachter waren de kerverij en koffiebranderij gesitueerd. Op de eerste etage werd gestart met een sigarenmakerij. 
De Banier: 22-09-1933

250 gram Heerenbaai fl.3.00 (1950-1958)
De volgende jaren breidde hij steeds verder uit.
De panden Noorderhaven 76 en 78 werden aangekocht en daarbij het naastgelegen pand Voorstraat 33. In 1854 trouwde Solko met Fenna Henriette van Broekhuizen. Dat heeft niet lang mogen duren, in 1860 overleed zij.


briefhoofd 1905
Omstreeks 1870 kwam de heer P.D. de Ruiter in de zaak. Toen Solko Tromp op 64-jarige leeftijd in 1878 overleed werd de firma voorlopig door de heer de Ruiter voortgezet. Hij trad  dat jaar in het huwelijk en nam op 1 januari 1879 de tabaksfabriek met bijbehorende gebouwen officieel over. Hij ging wonen aan de Noorderhaven 76 en 78. De zaken liepen zo goed dat hij in 1885 het pakhuis Sumatra aan de Noorderhaven 74 kocht.

In 1899 kwam de zoon van P.D.de Ruiter in de zaak om ervaring op te doen als toekomstige opvolger. Toen zijn vader in 1907 op 56-jarige leeftijd overleed volgde R.de Ruiter  hem op. In 1912 volgde een aanzienlijke verbouwing.

En aan het einde van dat jaar werd de geheel vernieuwde fabriek in gebruik genomen. Nieuwe machines werden geplaatst, waaronder een zwaardere gasmotor van 10 pk. Elektriciteit was er toen nog niet. 

inlegvel in een blik Tromp tabak.
Toen in 1914 de eerste wereldoorlog uitbrak stegen de prijzen van tabak. Tabak van 30-40 cent per pond ging naar 3-4 gulden. Sigaren van 2 cent gingen toen 10 cent kosten. Na de vrede in 1918 daalden de prijzen, maar haalden nooit meer de vooroorlogse prijs. Door de opkomst van de sigaretten leverden de grote fabrieken shag voor de sigarettenindustrie. De sigarenfabricage, door teruglopende omzet, werd omstreeks 1930 beeindigd.
In de topjaren werkten er omstreeks 60 personen in de fabriek. Sommigen haalden er hun 60-jarig jubileum, waaruit blijkt hoe trouw de werknemers waren.



banderollen uit de vijftiger jaren
Tijdens de tweede wereldoorlog was er gebrek aan goede tabak. De tabaksdistributie deed zijn intrede. In deze jaren was de tabak doorgaans van mindere kwaliteit en de hoeveelheden die op de bon te krijgen waren werden steeds minder. In 1944 was het dieptepunt. Toen na 1945 de tabaksfabrieken weer begonnen te draaien bleek er een ommekeer in tabaksgebruik te hebben plaats gevonden. De sigaret was favoriet, shagtabak van kleine fabrieken werd steeds minder gevraagd. De vraag naar sigaren werd minder, maar voor pruimtabak was deze stabiel gebleven. De regelmatige verhoging van de accijns maakte rooktabak onnodig duur.


 
In de jaren vijftig ging het in ons land met de kleine fabrieken bergafwaarts. Zo ook met Tromp in Harlingen. In 1958 toen R.de Ruiter 74 jaar oud was werd de fabriek te koop aangeboden bij gebrek aan opvolgers. In 1959 ging de antieke inventaris onder de hamer en bracht onverwachts veel geld op. De verkoop van de gebouwen vlotte niet erg. Uiteindelijk werden ze bij inschrijving geveild. Door de biedingen op panden samen te voegen en met een bedrag van 25.000 gulden te verhogen werd uiteindelijk de gemeente de eigenaar. Enkele panden werden verbouwd om de plaatselijke V.V.V. en de bibliotheek te kunnen huisvesten.
Een perceel werd verkocht aan een woninginrichter.

De oude winkelinventaris, toonbank met toebehoren, is aangekocht door de Otto Kingma Stichting en heeft die aan het Museum Hannema-huis geschonken. Het museum heeft daarna de inventaris weer in bruikleen aan de V.V.V. gegeven. Zo is een stukje van de rijke historie van de “Groenlandsvaarder” voor het nageslacht behouden gebleven.
  
De Groenlandsvaarder, een merk dat 133 jaar heeft bestaan. En tot aan de sluiting van de fabriek werd de correspondentie ondertekend met de handtekening S.Tromp Azn.
Bronnen:

- Brochure van de heer R.de Ruiter (1958)
- Kranten.kb.nl
- Objecten en gegevens uit prive-verzamelingen





Geen opmerkingen:

Een reactie posten